Modelbouw is het nabouwen van voertuigen, gebouwen of figuren op een vaste schaal. Een vliegtuig in schaal 1:72 is dus 72 keer kleiner dan het echte toestel. Bekende takken van de hobby zijn statische modellen, radiografisch bestuurde modellen, modelspoor en modelstoommachines (bron: Wikipedia). Wil je beginnen, kies dan een eenvoudige plastic bouwdoos in een gangbare schaal en zorg voor een hobbymes, een tang, schuurpapier, lijm en verf. Meer heb je voor je eerste model niet nodig.
Welke soorten modelbouw zijn er?
Statische modelbouw is voor beginners de meest toegankelijke tak. Je bouwt dan een model dat niet beweegt, meestal naar een bestaand voorbeeld en zo echt mogelijk. Het materiaal is vaak plastic en de onderdelen zitten in een bouwdoos. Populaire onderwerpen zijn auto’s, vliegtuigen, schepen, militaire voertuigen, ruimtevaartuigen, figuren en diorama’s, waarin je een model in een klein landschap zet.
Naast plastic bouw je ook met hout of karton. Houtbouw is de oudere vorm: je maakt er schepen, molens of meubels mee. Bij kartonnen modelbouw knip en vouw je een model uit een bouwplaat. Houten modelbouw stond ook in ons overzicht van rustgevende hobbytrends, juist omdat het geduld en precisie vraagt.
De andere drie takken draaien om beweging:
- Radiografische modelbouw: auto’s, boten, vliegtuigen en helikopters die je op afstand bestuurt. Het lijkt minder op het origineel, want het model moet vooral rijden, varen of vliegen.
- Modelspoor: rijdende treinen of trams op een zelfgebouwde baan, vaak met een heel landschap eromheen.
- Modelstoommachines: kleine stoommachines die via tandwielen bewegende onderdelen aandrijven.
Schalen als 1:72 en 1:35 uitgelegd
De schaal zegt hoeveel kleiner het model is dan het origineel. Bij 1:35 is elke centimeter van het model 35 centimeter in het echt. Hoe kleiner het getal achter de dubbele punt, hoe groter het model en hoe meer detail erop past.
Per onderwerp zijn een paar schalen gangbaar:
|
Onderwerp |
Gangbare schalen |
|---|---|
|
Vliegtuigen |
1:72, 1:48, 1:32 |
|
Militaire voertuigen |
1:72, 1:35, 1:16 |
|
Auto’s |
1:24 en 1:25 |
|
Motorfietsen |
1:12 en 1:6 |
|
Schepen |
1:350, 1:200 |
|
Modeltreinen |
H0 (1:87), N (1:160), Z (1:220) |
Bron voor de spoorschalen: Wikipedia.
Voor een eerste model is een middelgrote schaal handig. Een tank in 1:35 of een auto in 1:24 heeft onderdelen die je nog goed vasthoudt, terwijl een vliegtuig in 1:72 klein en gedetailleerd is. Bouw je later een verzameling op, houd dan één schaal aan, zodat je modellen naast elkaar kloppen.
Gereedschap en materiaal voor je eerste model
Het gereedschap voor statische modelbouw past in een schoenendoos:
- Een scherp hobbymes en een snijmat om op te werken
- Een kleine zijkniptang om onderdelen los te knippen
- Schuurpapier of vijltjes om aanzetpunten glad te maken
- Plasticlijm die geschikt is voor polystyreen
- Een pincet voor kleine onderdelen
- Verf en penselen
De twee gangbaarste verfsoorten zijn acrylverf op waterbasis en enamelverf. Merken als Tamiya, Revell en Vallejo verkopen kleine potjes acrylverf voor modelbouw. Lees altijd de verpakking van lijm en verf en werk in een geventileerde ruimte.
Een vaste werkplek scheelt veel opruimwerk, want een half gebouwd model laat je dan gewoon liggen. Wie ruimte heeft, kan een schuur ombouwen tot hobbyplek met goed licht en verwarming.
Je eerste bouwdoos stap voor stap
Kies een model met een beperkt aantal onderdelen en een onderwerp dat je zelf leuk vindt. Sommige fabrikanten verkopen startersets, maar kijk op de doos wat erin zit: niet elke set bevat lijm en verf. Daarna bouw je in deze volgorde:
- Lees de bouwbeschrijving helemaal door en zoek per stap de onderdelen op.
- Knip een onderdeel los met de tang en schuur het aanzetpunt glad.
- Pas de onderdelen eerst zonder lijm, zodat je ziet of ze goed sluiten.
- Lijm met kleine hoeveelheden en laat elke verbinding drogen voor je verdergaat.
- Verf kleine onderdelen soms al voor het lijmen, op de plekken die je later niet meer bereikt.
- Breng aan het eind de stickers of decals aan en werk het model af met vernis als je dat wilt.
Je eerste model wordt zelden perfect. Dat hoeft ook niet, want bij het tweede model zie je meteen hoeveel je hebt geleerd.
Technieken als je verder wilt
Na een paar modellen wil je vaak meer realisme. Statische modelbouwers gebruiken daar vaste technieken voor (bron: Wikipedia):
- Drybrushen: met een bijna droge kwast randen oplichten, zodat details beter zichtbaar zijn.
- Washes: verdunde verf die in naden en hoeken loopt en daar diepte geeft.
- Weathering: een model gebruikt laten lijken met roest, modder of verbleekte verf.
- Scratchbuilding: onderdelen zelf maken of een model grotendeels zelf bouwen.
Ook met een 3D-printer maak je zelf onderdelen, sokkels of vervangstukken voor je model.
Inspiratie en hulp van andere modelbouwers
Modelbouw doe je vaak alleen aan tafel, maar je leert het snelst van anderen. Op Nederlandstalige platforms als het forum van Modelbrouwers delen bouwers hun bouwverslagen, recensies van bouwdozen en foto’s. Daar zie je hoe anderen hetzelfde model hebben aangepakt en waar ze tegenaan liepen.
Begin met één bouwdoos in 1:24 of 1:35 en het basisgereedschap uit de lijst hierboven. Na een paar modellen weet je vanzelf welke tak van modelbouw je verder wilt.
